20 Abou De opstart
Geplaatst door: hansie op 19-08-26
‘Hans, wat is er met je aan de hand? Ik zie dat je ogen
helemaal vochtig zijn geworden.’ ‘Ach Abou, jouw verhaal ontroert me zo. Hoe
jij jouw relatie met je vader beschrijft, de intimiteit die jullie met elkaar
delen. Het maakt me jaloers op jou. Als ik hoor welke rol jouw vader speelt bij
jouw initiatie… dan is dat onvoorstelbaar voor Nederlandse begrippen. Bij ons
moet elke jongen maar zelf gaan experimenteren en over seks praten en misschien
wat advies krijgen van je vader….. ik heb het nooit meegemaakt. Bij mij thuis
was alles heel verborgen. Voor jou, Abou, was het heel normaal om je vader
bloot zien. Dat heb ik nooit meegemaakt. De badkamer ging altijd op slot als er
iemand aan het douchen/badderen was. Nee Abou, mijn thuis land is heel preuts
en seksualiteit is iets waar je weinig over praat en dat je alleen beleeft in de
privé sfeer.’ ‘Jammer Hans want ik heb er altijd zoveel plezier aan beleefd, en
nog steeds vind ik het fijn om intimiteit met een ander te delen!’ En toen
voelde ik Abou’s hand zacht over mijn borst aaien, over mijn buik aaien. Dat
voelde goed, heel goed, heel intiem. ‘Wat een zachte huid heb je Hans.’ ‘Wat
een zachte handen heb je Abou!’ En al strelend ging Abou verder met zijn initiatie
ervaring.
Hij vertelt: ’Het was de dag voor volle maan, de
initiatiedag. Ik was best nerveus en voelde een gezonde dosis spanning in me. Het
zou een belangrijke dag in mijn leven worden. De overgang van jongen naar man. Direct
bij het ontbijt begon het al. Mijn moeder toonde me de lendendoek die ze voor
me had gemaakt en die ik na de initiatie zou mogen dragen. Mijn drie jaar jongere
broertje Kweli had van buffelleer een gordel voor me gemaakt waaraan ik de
lendendoek kon bevestigen en waar straks ook mijn Himba-mes aan kon worden
opgehangen. Mijn vader had dit mes voor
me geregeld, hij liet het me zien. In het handvat was heel fraai mijn naam
gekerfd. Ook dat geschenk zou ik krijgen na de initiatie.
Toen het ontbijt klaar was pakte Kweli de trom voor mijn
vader. Kweli liep naar buiten naar onze binnenplaats. Mijn vader ging zitten pakte
de trom aan en ging er op spelen. Het was een ritme dat bij reiniging hoort.
Mijn moeder zong erbij en mijn broer Kweli voerde er een rituele dans bij uit.
Ik stond midden op de binnenplaats. Toen de dans klaar- en het lied uit was. Kwamen
mijn ouders en mijn broer naast me staan in een kringetje. We gaven elkaar een
hand en mijn vader sprak de volgende woorden: “Dank voorvaderen voor jullie
vertrouwen. 19 jaar geleden mochten wij van jullie een zoon ontvangen, Abou. We
hebben Abou zien opgroeien tot jonge man, nu moeten we hem loslaten om zijn
vleugels, als man, uit te kunnen slaan. Samen met de gezinsleden van Abou
bereiden wij hem voor op deze nieuwe fase in zijn leven.”
‘Kweli pak jij een kruk voor Abou om op te gaan zitten, dan
kunnen we hem voorbereiden op de initiatie rite die vandaag zal plaatsvinden?’ zei mijn vader. Kweli haalde een kruk.
Mijn vader vervolgde; ‘Abou, we zullen je ritueel wassen
voordat wij, het gezin waartoe je tot vandaag behoorde, je ‘weggeven’
aan de Himba gemeenschap. We willen je onbevlekt, in de staat zoals je
als baby bij ons kwam, geven aan de Himba gemeenschap. Abou toon je zoals je
was bij je geboorte.’
Ik wist wat me te doen stond. Al mij sieraden deed ik af en al
mijn kleding, alleen een short had ik aan, deed ik uit. Mijn moeder had een
emmer water gehaald. Samen met Vader en Kweli begonnen ze me te wassen terwijl
ik op de binnenplaats stond. Mijn vader waste mijn haar, mijn gezicht, mijn
schouders, armen en handen. Mijn moeder mijn rug, mijn billen, mijn benen en
voeten. Kweli waste mijn borst, mijn buik en mijn pik. Het voelde goed. Zes
liefdevolle handen langs mijn lijf, poetsend om elk vlekje of oneffenheid te
verwijderen. De handen van mijn vader die de lijnen van mijn gezicht volgde,
mijn oren aanraakten en zo via mijn schouders naar mijn vingertoppen gleden.
Daar haalde hij het vuil onder mijn nagels vandaan en vijlde mijn nagels glad.
Mijn moeder die met een spons mijn rug inzeepte. Die met
haar handen mijn billen schoonpoetste waarbij zij ook natuurlijk mijn anus
reinigde, Daarna mijn benen en tenslotte, ik moest op een been gaan staan, mijn
ene voet en daarna mijn andere voet. Nagels werden gevijld. Mij broer waste
mijn borst. Daarbij keek hij diep in mijn ogen en ik keek terug. Ik voelde dat
we via onze ogen een verbinding maakte. Een verbinding van begrip tussen broers.
Bewondering voor elkaar en elkaars kwaliteiten. Als een film kwam er door mijn
hoofd wat Kweli en ik allemaal samen hadden gedaan. Wat we samen hadden
meegemaakt. Kweli waste mijn oksels en mijn flanken. Hij waste mijn buik en
mijn pik. Dat had hij nog nooit gedaan maar hij voelde hoe je dat als broer
moet doen. Hij nam mijn pik in zijn linkerhand en stropte met die hand mijn
voorhuid omlaag. Met een spons in zijn rechterhand maakte hij mijn eikel en ‘het
randje’ schoon. Ondertussen bleef hij me aankijken en ik knikte hem toe dat het
goed was.
Ik werd met zachte doeken helemaal droog-geboend en moest
gaan zitten op het krukje. Mijn moeder ging mijn haar knippen. Mijn vader en
mijn broer begonnen met een geurende olie mijn huid in te smeren. Geen
millimeter sloegen ze over.
Tegelijk waren mijn moeder, mijn broer en mijn vader klaar.
Ik moest weer gaan staan. Mijn vader liep naar de trom en speelde het ritme van
de reiniging. Mijn broer danste de traditionele dans waarbij hij met een soort
wierook een heerlijke frisse geur om mij
heen verspreidde. Mijn moeder zong de reinigingswoorden.
Aan het einde zag ik dat zowel bij mijn ouders als bij mijn
broer tranen in hun ogen stonden. Toch een soort van afscheid.
Mijn moeder liep het huis in en kwam met een omslagdoek
terug. Gaf ‘m aan mij terwijl mijn vader zei; ‘kom Abou, het is de hoogste tijd,
ik ga je naar de chief brengen.’ Ik deed de omslagdoek om. Mijn broer Kweli had
de drie attributen die ik na de initiatie rite zou krijgen, lendendoek, de
gordel en het Himba mes, uit huis gehaald en droeg ze. Met z’n vieren liepen we
naar het huis van de chief. In de verte zag ik ook dat Mandi met zijn familie
op weg was naar het huis van de chief. We gingen de binnenplaats op. Imbo met
zijn familie en Djaab met zijn familie waren er al. Ik gaf een knipoog aan Imbo
en aan Djaab. Even later arriveerde ook Mandi. Hij gaf ons alle drie een
knipoog als teken van vriendschappelijke verbondenheid.
De chief kwam de binnenplaats op met in zijn gevolg de
sjamaan. De chief nam het woord en heette iedereen, maar vooral de ‘aankomende
Himba mannen’ welkom. Hij vroeg of iedereen het reinigings ritueel had
uitgevoerd. Iedereen knikte. Daarna gaf de chief aan dat de traditionele initiatie
geschenken, de gordel, de lendedoek en het Himba-mes op het altaar gelegd
moeste worden. Kweli deed dat voor mij.
Iemand begon op de trom te spelen en de sjamaan begon te
zingen. Dit was het moment dat iedereen die niet geïnitieerd was de
binnenplaats van de chief moest verlaten. Mij moeder en Kweli zag ik samen met
andere vrouwen, kinderen en jongeren vertrekken. De sjamaan zong zijn zegen over
de attributen. Opeens kwamen er 14 dansende mannen de binnenplaats op die zingend
een dans uitvoerden waarin de Himba-man werd uitgebeeld. Als jager, als
beschermer, als leider, als werker, als vader en nog veel meer andere taken die
van Himba mannen worden verwacht. Het
maakte me bewust van de stap die ik vandaag zou zetten.
De dans was klaar. Zacht in en rustig tempo speelde de
trommel verder. Iedereen was gaan zitten behalve Imbo, Mandi, Djaab en ik. Wij
bleven staan. Een voor een werden we door de chief naar voren geroepen. We
moesten voor hem komen staan. Hij keek ons recht in de ogen. Naast hem stond de
sjamaan. Toen ik voor hem stond vroeg hij: Ís jouw naam Abou?” ‘Ja chief.’ ‘Wat
is je leeftijd?’ ’19 jaar chief.’ ‘Sjamaan,’ sprak de chief ís deze jonge man
klaar om de verantwoordelijkheid van het ‘man-zijn’ te dragen?’ De sjamaan
beaamde dat. Toen pakte de sjamaan mijn omslagdoek en ontkleedde me. Zoals ik
was geboren, slechts gehuld in mijn vel, stond ik voor de chief. De ogen van de
chief gleden over mijn lichaam. De sjamaan gaf aan dat ik mijn armen omhoog
moest doen en mijn handen op mijn hoofd moest leggen. Ik deed dat. De chief
liep om me heen. Kneep eens in mijn schouder, kneep in mijn bovenbeen. ‘Abou’
sprak hij je bent helemaal klaar om het ritueel naar man-zijn te voltooien.’
Hij wenkte de sjamaan die met een klein geel lapje aan een koord aan kwam
lopen. ‘Abou, zie hier de initiatie kleding die je nu mag dragen tot voor jou
de initiatie rite begint.’ Om mijn middel bond de sjamaan het koord. Een klein
lapje achter bedekte mijn bilnaad en een klein lapje voor bedekte mijn pik.
De sjamaan gaf aan dat ik terug kon naar mijn plaats bij
mijn vader. Daar mocht ik gaan zitten.
Imbo, Mandi en Djaab kregen ook een toespraakje van de chief
en daarna kregen ze van de sjamaan, net als ik, de ‘initiatie kleding’. Toen ik
Djaab naar zijn plaats terug zag lopen viel mij op dat het lapje dat bij hem
voor hing absoluut niet genoeg ruimte bood om zijn ‘apparaat’ te bedekken. Onder het lapje vandaan kwam nog zeker twee
centimeter tevoorschijn.
Tot slot van deze ceremonie moest bepaald worden wat de
volgorde zou zijn van de initiatie. Wie was eerste, tweede, derde en vierde? De
sjamaan had wat botjes van een konijn ofzo. Hij wierp de botjes en zo werd de
volgorde bepaald. Mandi zou de eerste zijn, ik de tweede, Imbo de derde en
Djaab als laatste.
De chief wenste ons allemaal een mooie ochtend toe en
nodigde ons uit om na het middagmaal naar het centrale plein te komen waar de initiatie rite
zou plaatsvinden.
70 keer gelezen
Score:
(van aantal stemmen: )
Je moet eerst inloggen om te kunnen stemmen.
